Arcana IR-documentatie · Nederlandse vertaling English

RB-TRIAGE-010: Triage van vermoedelijk dataverlies

Documentbeheer

Kenmerk Waarde Datum
Documentnaam Triage van vermoedelijk dataverlies
Versie [Versienummer invullen] [Datum invullen]
Eigenaar [Eigenaar/team invullen] [Datum invullen]
Status [Draft/Approved/Retired] [Datum invullen]
Volgende reviewdatum [Volgende reviewdatum invullen] [Datum invullen]
Goedkeuringen [Goedkeurder(s) invullen] [Datum invullen]
Wijzigingsoverzicht Eerste versie [Datum invullen]

1. Vereisten

Benodigde tools:

2. Stap-voor-stap-instructies

Veelgemaakte fouten

  • De alert als false positive sluiten zonder te bevestigen dat de actor de echte gebruiker is
  • "Geblokkeerd door DLP" als einde van het onderzoek zien, terwijl andere kanalen nog in gebruik kunnen zijn
  • Alleen de overdracht uit de alert reviewen en verwante overdrachten in hetzelfde tijdvenster missen
  • De data niet classificeren voordat de severity wordt toegekend
  1. Valideer de echtheid van de alert

    • Stel vast:
      • De bron van de trigger (DLP-regel, melding van een gebruiker, melding van een derde partij, SIEM-correlatie)
      • De reden van de trigger (regel geraakt, bestandspatroon, bestemming, volume, waarneming van een gebruiker)
      • Of de overdracht is geblokkeerd, toegestaan of alleen gemonitord
      • Of de alert een bekende geschiedenis van false positives heeft voor deze regel / gebruiker / dit kanaal
  2. Stel de actor en het asset vast

    • Verzamel:
      • Gebruikersnaam en e-mailadres van de actor
      • Hostnaam, IP en besturingssysteem van het apparaat van herkomst
      • De aangemelde gebruiker op het moment van de gebeurtenis
      • Het type account (medewerker, contractant, service account, gedeelde mailbox)
      • Of het apparaat beheerd of onbeheerd is
      • Rechtenniveau en groepslidmaatschappen
  3. Stel het overdrachtspad vast

    • Stel vast:
      • Gebruikt kanaal (bijv. web-upload, e-mailbijlage, synchronisatie van cloudopslag, USB / verwisselbare media, upload via chat, push naar een coderepository, printen, screenshot)
      • Bestemming (domein, adres van de ontvanger, cloud-tenant, ID van het verwisselbare apparaat, repo-URL)
      • Of de bestemming goedgekeurd, niet goedgekeurd of onbekend is
      • Of de bestemming intern, extern of persoonlijk is (bijv. persoonlijke e-mail, persoonlijke cloudopslag)
  4. Stel de data vast

    • Stel vast:
      • Bestandsnamen, bestandstypen en bestandspaden
      • Bestandsgrootte en aantal bestanden
      • Dataclassificatie (openbaar, intern, vertrouwelijk, gereguleerd)
      • Of de data persoonsgegevens, PCI, PHI, broncode, klantdata, credentials of andere gereguleerde/gevoelige inhoud bevat
      • De bron van de data (uit welk systeem, welke database of repository ze afkomstig is)
  5. Stel vast of de activiteit menselijk of geautomatiseerd is

    • Stel vast:
      • Proces en command line die de overdracht startten
      • Parent-proces (browser, mailclient, sync-agent, script, onbekende binary)
      • Of de actie interactief door de gebruiker werd uitgevoerd of door automatisering / malware
      • Of de actor op dat moment geauthenticeerd en actief was op het apparaat
    • Is een gebruiker vastgesteld, neem dan via een ander kanaal contact op om te bevestigen of de activiteit legitiem is
  6. Beoordeel de scope

    • Review:
      • Andere overdrachten door dezelfde actor in het incidentvenster (zelfde bestemming, zelfde data, andere kanalen)
      • Andere actoren die dezelfde data overdragen of naar dezelfde bestemming sturen
      • Andere DLP-alerts op dezelfde regel / hetzelfde kanaal / dezelfde bestemming in de hele omgeving
      • Aanmeld- en sessieactiviteit van de actor op tekenen van accountcompromittering
  7. Bepaal de severity en het vervolg-playbook

    • Beoordeel:
      • Gevoeligheid en volume van de betrokken data
      • Of de overdracht is geblokkeerd of voltooid
      • Of de actor de echte gebruiker is, een gecompromitteerd account of malware
      • Of de bestemming onder controle van een aanvaller staat, persoonlijk is, of goedgekeurd maar misbruikt

3. Na afloop

Bijdrager

Jayden Vo
GitHub: https://github.com/jayden-vo

Heeft bijgedragen aan het Arcana Incident Response Documentation Framework.